De gevelrestauratie van de oude pastorie

De aanzet tot de recente gevelrestauratie van de oude pastorie dateert reeds van 1984, toen het gemeentebestuur van Retie, een overeenkomst sloot met het Studie- en Ontwerpbureau GEDAS (Deurne) en architect Luk Segers voor het opmaken van een ontwerp voor deze restauratie.

Op 24 maart 1992 gaf het college van burgemeester en schepenen hun de opdracht om het dossier op te starten.
Een eerste ontwerp werd door de gemeenteraad goedgekeurd op 17 december 1992.
Aangepaste ontwerpen door het Architectenbureau Archiles (Geel) met de Architecten Luk Segers en Ronni Verspreeuwen kregen het fiat van de raad op 27 mei 1993 en 29 september 1994.
Ondertussen had de gouverneur van de provincie Antwerpen op 21 februari 1994 zijn goedkeuring gehecht aan de beslissing van het gemeentebestuur.
Na openbare aanbesteding werden op 22 november 1994 de werken toegewezen aan Bouwbedrijf Borgmans (Vosselaar) voor de som van 8.087.940 frank (inclusief BTW).
De uitvoeringstermijn bedroeg 80 werkdagen.
De aannemer startte met de werken in mei 1995.
De voorlopige oplevering had plaats op 22 november 1995.

Het gemeentebestuur hoeft echter de kosten van de restauratie niet volledig uit eigen schatkist te betalen.
De zuivere restauratiewerken worden immers voor 60 procent door de Vlaamse gemeenschap gesubsidieerd en daarenboven voor 20 procent door het provinciebestuur.

De voormalige pastorie heeft dus een grondige facelift ondergaan, waarbij evenwel geopteerd werd voor een consolidering van haar huidige architecturale toestand.


De pastorie na de restauratie


Een greep uit de lange lijst van volgens het lastenboek uit te voeren werken:

Spanten, bebording, balken, kepers en zoldervloer ondergingen een curatieve en preventieve behandeling.
Het dak van het hoofdgebouw werd gedekt met nieuwe natuurleien.
De daken van de bijgebouwen werden voorzien van een dampdoorlatend en waterafstotend onderdak en kregen een nieuwe dakbedekking van pannen uit gebakken aarde (de zogeheten verbeterde Vlaamse pan).
De schouwen werden heropgemetseld en afdekplaten vervangen.
De dakgoten en regenwaterafvoeren rondom hoofdgebouw en bijgebouwen werden vervangen.
De smeedijzeren muurankers kregen een grondig nazicht en werden vervolgens gereinigd, hersteld en herschilderd.
De bezetting van de voorgevel werd hersteld, evenals mouluurwerk onder de dakranden, de vlakke banden rondom de ramen van het hoofdgebouw, de stellinggaten en het gevelparement, waarna alles goed in de verf werd gezet met drie lagen acrylaatverf.
Alle bakstenen gevels, waarin de sporen van vroegere verbouwingen nog duidelijk zichtbaar zijn, kregen een grondige reinigingsbeurt (door hydropneumatisch bespuiten met magnesium-orthosilicaat), het voegwerk werd hersteld en daarna werd een vochtwerende behandeling toegepast.
Deuren, poorten en ramen in de bijgebouwen werden vervangen; alle overige buitenschrijnwerk (ramen en buitendeuren) werd nagezien, waar nodig hersteld en grondig in de verf gezet.
Vermeldenswaard, ten slotte, is ook nog dat de 'duiventil' in de oostgevel deskundig gerenoveerd werd, m.a.w. omgebouwd tot een up-to-date uilenbak, volgens de voorschriften en adviezen van specialisten terzake.

Aldus zullen Retienaren en passanten hopelijk weer vele jaren kunnen genieten van dit fraaie dorpsgezicht.
Als ze tenminste goed kijken, want het monument ligt jammer genoeg, (voorlopig?) zo goed als volledig verdoken achter hoge bomen...


De huidige toestand


Louis Luyten

Terug